Je hebt je merkstijlgids af. Het ziet er prachtig uit.
▶Inhoudsopgave
Maar dan open je het bestand en je ziet het: 200 kleuren. Tweehonderd. Drieënvijftig blauwen, vijfendertig groenen, achtentwintig oranje tinten, vijfentwintig paars, vijfentwintig roze, tweeëntwintig rood, vijftien geel en vijftien bruin. En je denkt: wie gaat dit allemaal gebruiken? Goede vraag.
Want een merkstijlgids met 200 kleuren is eigenlijk geen stijlgids meer. Het is een kleurenaanbod.
En dat is precies waar veel merken de fout in gaan. Ze verzamelen kleuren alsof het verzamelen is, in plaats van dat ze een systeem bouwen dat écht werkt.
Waarom 200 Kleuren Geen Probleem Hoeft te Zijn
Laten we eerlijk zijn: soms heb je gewoon veel kleuren nodig. Denk aan een groot merk met meerdere submerken, een uitgebreid productportfolio of een organisatie die in veel verschillende markten actief is.
In dat geval is een kleurenpalet van 200 kleuren niet per se overdreven. Het wordt pas een probleem als die kleuren geen structuur hebben.
De sleutel zit in hiërarchie. Niet elke kleur is even belangrijk. Niet elke kleur wordt even vaak gebruikt. En niet elke kleur hoeft in elk ontwerp voor te komen.
Een goed systeem maakt onderscheid tussen primaire kleuren, secundaire kleuren, accentkleuren en neutrale tinten.
De Opbouw van een Uitgebreid Kleurensysteem
Zo weet iedereen in het team precies welke kleur wanneer gebruikt wordt. Kijk naar de verdeling: 35 blauwtinten, 35 groentinten, 8 oranje, 25 paars, 25 roze, 22 rood, 15 geel en 15 bruin. Dat is geen willekeurige verzameling.
Dat is een doordacht systeem waarbij de meestgebruikte kleuren de meeste varianten krijgen. Blauw en groen zijn klaarblijkelijk de primaire merkleffen, en die hebben dan ook de meeste subtiliteiten nodig voor verschillende toepassingen.
Oranje daarentegen heeft maar 8 varianten. Dat zegt iets. Oranje is waarschijnlijk een accentkleur die alleen in specifieke contexten gebruikt wordt.
En dat is precies hoe het hoort te werken: minder gebruik, minder varianten.
Hoe Zorg je dat je Team het Gebruikt?
Een kleurenpalet van 200 kleuren is alleen waardevol als je team het ook daadwerkelijk gebruikt.
En dat is waar de meeste merkstijlgidsen falen. Ze zijn mooi ontworpen, maar niemand weet ze te vinden of te begrijpen.
Geef elke kleur een duidelijke rol. Niet alleen een naam zoals "Blauw 03", maar een functie. "Blauw 03 is voor call-to-action buttons op donkere achtergronden." Zo wordt een kleurbruikbaar in plaats van alleen maar mooi. Maak het makkelijk om te kiezen. Werk met kleursets of combinaties die al voorgedefinieerd zijn. In plaats van "kies maar een van de 35 blauwen", geef je teams drie of vier vooraf samengestelde combinaties die altijd goed werken.
Dat voorkomt dat iemand per ongeluk Blauw 12 combineert met Paars 07 en het een kleurrijke ramp wordt.
Tokens en Variabelen: Je Beste Vriend
Als je echt serieus bent over consistentie, dan werk je met design tokens. Dat zijn kleine stukjes code die elke kleur een logische naam geven. Door op deze manier je kleurregels voor je merkidentiteit vast te leggen, hoeft je ontwerper geen HEX-waarden meer te onthouden, maar gebruikt hij namen als "brand-primary-default" of "feedback-error-subtiel". Het resultaat?
Geen discussies meer over welk blauw, geen verrassingen in de eindproductie. Zo kun je ook een robuust designsysteem opbouwen naarmate je productlijn groeit. Tools zoals Figma en Sketch ondersteunen dit inmiddels uitstekend. Tools zoals Figma en Sketch ondersteunen dit inmiddels uitstekend.
Je kunt je hele kleurenpalet als variabelen instellen, en wanneer je één kleur aanpast, verandert die overal automatisch.
Voor een systeem met 200 kleuren is dat geen luxe. Het is een noodzaak.
Wanneer is je Kleurenpalet Te Groot?
Er is een moment waarop je moet stoppen met toevoegen. En dat moment is eerder dan je denkt.
Een goede vuistregel: als je een kleur niet kunt verwoorden waarom die erin staat, staat die kleur er niet toe. Vraag jezelf af: lost deze kleur een ontwerpprobleem op? Wordt deze kleur herkenbaar als onderdeel van ons merk?
Past deze kleur in een bestaande categorie, of introduceert die een compleet nieuwe richting? Als het antwoord op al die vragen nee is, dan is die kleur waarschijnlijk overbodig.
En wees eerlijk: hoeveel van die 200 kleuren worden echt gebruikt? Vaak blijkt dat tachtig procent van de ontwerpen maar twintig tot dertig kleuren gebruiken.
De rest staat er "voor het geval dat". Maar "voor het geval dat" is geen ontwerpstrategie.
De Kracht van Beperking
De beste merkstijlgidsen zijn niet de grootste. Ze zijn de duidelijkste. Een kleurenpalet van 200 kleuren kan werken, maar alleen als het een systeem is en geen verzameling. Structuur boven kwantiteit. Functie boven mooi.
Dus als je merkstijlgids opent en je ziet die 200 kleuren: adem even in.
Kijk of elke kleur een reden heeft om er te zijn. Geef ze een rol, een naam en een plek in het systeem.
En durf de kleuren te schrappen die alleen maar mooi zijn maar niks betekenen. Want uiteindelijk draait het niet om hoeveel kleuren je hebt. Het draait om hoe goed je merk herkenbaar is, zeker als je merkstijlgids meegroeit met je productmerk. Of dat nu met vijf kleuren is, of met tweehonderd.